Op Hoog Buurlo kun je heerlijk wandelen langs statige beukenlanen. Je vindt er twee schaapskooien en in het voorjaar bloeiende fruitbomen. Deze eeuwenoude plek is het domein van een grote kudde heideschapen, landgeiten en de herder en zijn honden. Dagelijks loopt onze schaapherder hier met zijn schapen over de schaapsdrift naar de heide. Als je in de ochtend op Hoog Buurlo bent, kun je getuige zijn van de uittocht van de kudde.
Hoog Buurlo is ook een heerlijke pauzeplek tijdens een wandel- of fietstocht. Het speelveld maakt dat het ook met kinderen een leuke bestemming is.
Om een bestaan te kunnen opbouwen moesten boeren de akkers op deze droge zandgronden vruchtbaarder maken en zorgen dat deze het water beter vast konden houden. Daarvoor was mest van cruciaal belang. De schaapskuddes zorgden daarvoor. Overdag graasden de schapen op de uitgestrekte heidevelden. ’s Nachts sliepen ze in de schaapskooi, waar de mest verzameld werd. Op de bodem van de kooi werden zandhoudende heideplaggen gelegd. De mest van de schapen vermengde zich hiermee. Zo ontstond een mengsel, dat op de akkers werd aangebracht om ze vruchtbaarder te maken. Dit heet de potstalcultuur.
In Hoog Buurlo vind je nog 65 hectare voormalig eikenhakhout. Eeuwenlang werd eikenhakhout gebruikt voor verschillende doeleinden. Uit de schors werd eek gewonnen, dat werd gebruikt als looistof in de leerindustrie. Elke tien tot twaalf jaar werden de eiken gekapt. Dit gebeurde in het voorjaar, wanneer de sapstroom in de stam het sterkst was. Dan liet de schors gemakkelijk los van het hout. De overgebleven takken en stammen werden veelal gebruikt als brandhout, onder meer voor het stoken van bakkersovens. De stobbe, die in de grond achterbleef, vormde vervolgens weer nieuwe uitlopers die na tien jaar weer geoogst konden worden.
De veldleeuwerik is een broedvogel die op de Hoog Buurlose heide, verscholen op de grond, zijn nest maakt. Je kunt zijn luide en heldere zang herkennen aan een zeer snel achter elkaar herhalend fluitconcert, waarbij het lijkt alsof hij zijn adem inhoudt. Dit houdt hij soms wel een half uur vol. In de heide valt hij niet zo goed op met zijn lichte buik en lichtbruin gestreept lijfje. Op zijn zomermenu staan insecten en zaden, die hij voornamelijk op de grond zoekt. Je maakt hier ook kans om het grootste insect van ons land tegen te komen: het vliegend hert.
Hoog Buurlo is ook het leefgebied van de Wolf. Hij vindt hier rust, ruimte en voedsel. Ze voeden zich vooral met wilde dieren als everzwijn en ree. De wolf is welkom op de Veluwe en vervult een positieve rol in de natuur. Het is een roofdier dat de afgelopen 140 jaar niet meer voorkwam op de Veluwe. Om wolven te zien heb je erg veel geluk nodig. Ze zijn schuw en vooral ’s nachts actief.