Met de ‘dansende’ bomen behoort het Speulder- en Sprielderbos tot de oudste en mooiste bossen van Nederland. Hier kun je ronddwalen alsof het een echt oerbos is. Glanzende sparren, knoestige, groen bemoste eiken, varens en halfvergane stammen zorgen voor een bijzondere sfeer. Je vindt hier nog twee andere typen bos: het lichte bos, met grove dennen, berken en eiken en het donkere bos, waar vooral douglas- en fijnsparren en Amerikaanse eiken groeien.
Kijk ook eens bij het Solse Gat. Deze diepe kuil is in de laatste ijstijd ontstaan. De kuil is verder uitgediept door het graven van leem. Veluwse sagen vertellen een heel ander verhaal. Op deze plek zou ooit een klooster hebben gestaan. De monniken hadden hun ziel aan de duivel verkocht. Hiervoor werden ze gestraft. In een woeste kerstnacht zonk het klooster weg in de aarde. Alleen de statige toegangsweg zou nog aan het klooster herinneren...
Mensen gebruiken het Speulderbos al sinds 5.000 v.Chr. De leemhoudende laag in de bodem zorgde ervoor dat men water kon vinden op de hoge droge zandrug. Je vindt in het gehele gebied sporen van die vroegere bewoners, zoals bijvoorbeeld grafheuvels. Meer recent is het onderduikershol, waar onderduikers verbleven tijdens de tweede wereldoorlog.
Kromme beuken, reusachtige douglassparren, oud eikenhakhout bossen... elk type bos trekt andere bewoners aan. Het Speulder- en Sprielderbos is het thuis van wild, zoals als edelherten en zwijnen, maar ook de bosuil, wespendief en zwarte specht. En in het voorjaar kun je genieten van een kleurige bosbodem met bosanemonen, bleeksporige viooltjes en uitrollende varens.
Het Speulder- en Sprielderbos heeft meerdere functies, voor natuur én mens. Uitgangspunt voor het beheer is een toekomstbestendig en gevarieerd bos, met jonge en oude bomen en verschillende soorten door elkaar.
Onderdeel van het bosbeheer is ook houtoogst. Het bos is in vijf vakken verdeeld en in elk vak wordt één keer per vijf jaar hout geoogst. Op die 'verjongingsplekken' planten we daarna weer duizenden jonge bomen, van verschillende soorten. En we plaatsen rasters om zaden op de grond te beschermen tegen hongerige edelherten en reeën, zodat ze kunnen uitgroeien tot bomen.
We zorgen er ook voor dat bezoekers kunnen genieten van het bos door paden te onderhouden, routes aan te leggen en bankjes te plaatsen om even uit te rusten en te genieten van het uitzicht.
Het Speulder- en Sprielderbos ligt in de driehoek tussen Ermelo, Garderen en Putten. Aan de Sprielderweg net buiten buurschap Drie ligt een grote parkeerplaats waar wandel- en ruiterroutes starten. Vanaf hier steek je gemakkelijk door naar de Ermelosche heide en de schaapskooi via het onderduikershol.
Geopend
Het grootste deel van het Speulder- en Sprielderbos is het gehele jaar toegankelijk, met uitzondering van een paar rustgebieden. Kijk voor de toegangsregels op de borden bij de ingang van het gebied.
Fysieke beperking
De gebieden zijn beperkt toegankelijk voor mensen met een fysieke beperking.
Honden
Binnen het Speulder- en Sprielderbos zijn enkele gebieden aangewezen waar honden los mogen: bij Voorthuizen, Putten en bij Garderen. Bekijk de kaart
Wandelen
Er liggen een aantal mooie wandelroutes in dit gebied, zoals de Cultuurhistorische wandelroute (8 km) die start bij het Boshuis in Drie en gaat langs het onderduikershol en tal van grafheuvels.
Wild spotten
De kans om een wild zwijn of edelhert te zien is het grootst in de scherming. Bijvoorbeeld bij het wildkijkscherm Laak bij Garderen.