Nieuws
Het is herfst, hét seizoen om op zoek te gaan naar paddenstoelen. In het kader van het Nationaal Park Nieuw Land Soortenjaar 2026 ging ik daarom op pad met een aantal paddenstoelexperts. Een bijzondere dag waarop we tal van nieuwe soorten voor het soortenjaar ontdekten.
Met prachtig weer en een kop koffie verzamelden de specialisten van Werkgroep Mycologisch Onderzoek IJsselmeerpolders (WMIJO) en een aantal gasten zich op de parkeerplaats bij het Buitencentrum in Lelystad. Het doel van de ochtend was een inventarisatie in het Hollandse Hout, het grootste bosgebied van de Oostvaardersplassen aan de ‘andere kant’ van de Knardijk.
Het Hollands Hout werd in de jaren '70 van vorige eeuw aangeplant en bestaat vooral uit loofbomen op zeekleigrond. Het is interessant om te zien hoe zo'n relatief jong bos zich heeft ontwikkeld. De paddenstoel vertelt ons iets over de bodem van het bos. De paddenstoel zelf is natuurlijk het deel dat direct in het oog springt, maar onder de grond bevindt zich een verborgen netwerk van microscopisch kleine schimmeldraden: het mycelium. Dit kun je zien als het wortelstelsel van de paddenstoel.
Aangekomen op de locatie gingen de specialisten gelijk aan de slag met de inventarisatie, terwijl de gasten, die via Staatsbosbeheer mochten aansluiten, zich verwonderen over de mysterieuze wereld van de paddenstoelen en de kennis die deze heren met zich mee brachten. Dick Dooyewaard en zijn werkgroep van fanatieke paddenstoelenexperts stonden klaar om vragen te beantwoorden en te helpen bij het determineren van soorten.
Binnen de werkgroep heeft iedereen zijn eigen specialisme. Dat is ook wel nodig, want in Nederland komen meer dan 5.000 verschillende soorten paddenstoelen voor. Niet alleen paddenstoelen met hoed en steel, maar ook zakjeszwammen, korstzwammen, houtzwammen, trilzwammen, buikzwammen en roesten. We vielen van de ene verbazing in de andere en kregen steeds meer inzicht in hoe complex en fascinerend deze wereld eigenlijk is.
Na de lunch bezochten we een andere bijzondere plek in het Hollandse Hout: het bosreservaat. Dit 37 hectare grote gebied werd in 1995 aangewezen als een plek waar bomen en struiken zelf bepalen waar en hoe ze groeien. Hier is geen houtoogst of andere beheerwerk. De 59 bosreservaten in ons land zijn levende onderzoekslocaties waar wordt bekeken hoe een bos zich ontwikkelt zonder menselijk ingrijpen.
Dit gebied was bewust uitgekozen voor onze inventarisatie van paddenstoelen, omdat er naast loofbos ook naaldbos op kleigrond aanwezig is. Daardoor was het interessant om te onderzoeken of hier andere soorten voorkwamen dan tijdens de inventarisatie in de ochtend in een gebied met uitsluitend loofbomen.
In het dit stuk bos vielen we direct met onze neus in de spreekwoordelijke boter: heksenboter, een prachtig felgeel gekleurde slijmzwam. Maar we zagen ook tal van andere indrukwekkende soorten, elk bijzonder door hun kleur, vorm, structuur of specialisatie. Een mooi voorbeeld was de sparrenkegelzwam, een soort die uitsluitend groeit op sparrenkegels die op de grond zijn gevallen.
Hoe divers en ingenieus iedere soort zich heeft ontwikkeld, bleef ons de hele dag verbazen. Dankzij de kennis van de experts hebben ik echt geleerd om beter te kijken, en vooral ook om eens wat vaker naar beneden te kijken. Er ging een hele nieuwe wereld voor me open.
De dag leverde 34 nieuwe soorten op voor de Bioblitz van Nationaal Park Nieuw Land Soortenjaar 2026. Daarmee komt het totaal aantal soorten paddenstoelen op 229. Enkele van de aangetroffen soorten:
Op 21 november 2026 gaan we in het kader van het soortenjaar met zoogdierspecialisten Jeroen Reinhold en Marjan Adema op zoek naar muizen, bevers en ottersporen in de Oostvaardersplassen. Als je mee wilt dan kun je je aanmelden via Nieuw Land Soortenjaar - kleine zoogdieren.