Nieuws

Meer ruimte nodig voor uniek ecosysteem Westerschelde

  • 16 juli 2026
  • Biodiversiteit
  • Leestijd 5 minuten

Het is een van weinige plekken waar zoet en zout elkaar nog direct ontmoeten; de Westerschelde, waar de Schelde de Noordzee bereikt. “Een uniek en kwetsbaar ecosysteem met slikken en schorren en geulen dat van internationaal belang is voor vissen, vogels en andere soorten”, stelt Staatbosbeheer-boswachter Ilse Maas. En het gaat er niet goed. Vervuiling, ruimtegebrek en verstoring zetten het ecosysteem steeds verder onder druk. Meer ruimte voor natuurlijke dynamiek is noodzakelijk.

De slikken en schorren bij de Westerschelde vormen een uniek en kwetsbaar ecosysteem dat van internationaal belang is voor vissen en vogels.

Vervuiling en verstoring

Samen met Sonja Weeda van Vogelbescherming Nederland staat Ilse bij Bath, aan de noordkant van de Westerschelde, op Zuid-Beveland. Aan de overkant tekent de haven van Antwerpen zich af. “Daar verloor een schip in april een hoeveelheid stookolie waarna het hier en in andere delen van de natuur terecht kwam. Wat de ecologische gevolgen daarvan zijn, weten we nog niet. Maar het is de zoveelste klap die de natuur hier te verduren krijgt”, zegt Ilse.

Hier lopen zoet en zout water nog geleidelijk in elkaar over. Zo’n ecosysteem heet een estuarium en kwam vroeger veel voor in Zeeland. Met de aanleg van Deltawerken verdwenen de meeste. Sonja vertelt dat de Westerschelde open moest blijven voor de scheepvaart naar Antwerpen. “Daardoor is de Schelde een estuarium dat in deze vorm en omvang nergens anders in Noordwest Europa voorkomt. Maar het staat onder grote druk.” De enorme containerschepen varen af en aan. De industrie stroomopwaarts zorgt voor vervuiling met PFAS, staalslakken en andere schadelijke stoffen en zowel via de rivier als de Noordzee stroomt zwerfafval het gebied in. Daarnaast verstoort recreatie kwetsbare broed- en trekvogels.

De enorme containerschepen varen af en aan door de Westerschelde naar of van de haven van Antwerpen.

Watersnelweg

Langs de Westerschelde ligt het grootste intergetijdengebied van Zeeland. Twee keer per dag bepaalt het getij hoe het landschap eruitziet. Bij vloed verdwijnen de slikken onder water en tijdens springtij lopen ook de schorren onder. Bij eb valt het gebied weer droog en ontstaat een uitgestrekt voedselgebied waar jaarlijks miljoenen vogels gebruik van maken.

Ilse wijst op het riet langs de oever. "Hier zie je de invloed van het zoete water. Verderop wordt het zouter en groeit geen riet meer.” Zo'n geleidelijke overgang is belangrijk. Voor vissen bijvoorbeeld. Trekvissen kunnen zich aanpassen aan het veranderende zoutgehalte en zo migreren tussen de zee en rivieren. En er zijn soorten die zich aanpassen aan de brakke omstandigheden. In het estuarium is veel voedsel voor vissen te vinden en sommige soorten gebruiken het als kraamkamer. En die vissen vormen weer voedsel voor vogels.”

De kracht van de Westerschelde zit niet alleen in die overgang van zoet naar zout, maar vooral in de dynamiek. Diepe geulen wisselen af met ondiepe platen die droogvallen. Dat natuurlijke systeem werkt nog maar mondjesmaat. "Door de inpolderingen en verdieping van de vaargeul is de Westerschelde eigenlijk een watersnelweg geworden," zegt Sonja. "Vroeger was het intergetijdengebied veel breder. Er viel veel meer land droog. Er was meer ruimte voor rustige slikken en schorren naast plekken met veel stroming en golfslag. Die natuurlijke afwisseling is voor een groot deel verdwenen."

Door de inpolderingen en verdieping van de vaargeul is de Westerschelde eigenlijk een watersnelweg geworden
Sonja Weeda, Vogelbescherming Nederland

Onmisbare tussenstop

Die droogvallende slikken zitten vol wormen, schelpdieren en ander bodemleven. Voor miljoenen trekvogels vormen ze een onmisbare tussenstop tijdens hun reis tussen Afrika en het arctisch gebied/noordpoolgebied. Ze rusten hier uit en eten zich vol voordat ze duizenden kilometers verder vliegen.
"De vogels vetten hier echt op," vertelt Sonja. "Ze vertrekken moddervet. Dat vet, en soms zelfs een deel van hun spierweefsel, verbruiken ze onderweg. Genoeg voedsel vinden is voor hen geen luxe, maar pure noodzaak."
Soorten als de bontbekplevier, strandplevier, visdief, grote stern en kluut zijn sterk afhankelijk van dit gebied. Sommigen blijven om te broeden, anderen trekken na enkele dagen of weken weer verder.

Een paar jaar geleden vaagde de vogelgriep vrijwel een complete kolonie grote sterns weg
Boswachter Ilse Maas

Steeds minder ruimte

Vroeger bestonden grote delen van Zuidwestelijk Delta uit slikken en schorren. Daar is tegenwoordig nog maar ongeveer een derde van over. En door de stijgende zeespiegel neemt het oppervlak verder af. Ilse: “Hierdoor worden de vogels steeds meer op elkaar gedrukt. Dat maakt ze extra kwetsbaar voor verstoring én voor ziekten. Een paar jaar geleden bleek hoe groot dat risico is, toen vogelgriep vrijwel een complete kolonie grote sterns wegvaagde.”
Langs vrijwel de hele Westerschelde is recreatie tussen de dijk en het water daarom verboden. Toch houden niet alle bezoekers zich daaraan. Op een speciaal aangelegd schelpenstrand voor kwetsbare broedvogels heeft een vrouw haar handdoek uitgespreid. Ilse spreekt haar aan, waarna ze naar de dijk verhuist. “Veel mensen beseffen niet eens dat ze verstoren. De nesten van bijvoorbeeld bontbekplevieren zijn nauwelijks zichtbaar: een paar eitjes in een ondiep kuiltje tussen de schelpen.” Verderop loopt een fotograferende man door het hoge gras op de schorren, het verbodsbord negerend.

Recreanten zijn een grotere bron van verstoring dan de scheepvaart, zegt Sonja. "Schepen bewegen voorspelbaar. Vogels kunnen daarmee omgaan. Recreanten zijn veel minder voorspelbaar, zeker als ze loslopende honden bij zich hebben. Sommige vogels vliegen zo vaak op dat ze nog maar drie uur per dag kunnen broeden. Dat maakt succesvol broeden vrijwel onmogelijk."

Meer ruimte voor de natuur

Om vogels meer kansen te geven zijn de afgelopen jaren maatregelen genomen. Met de ontpoldering van de Hedwigepolder kreeg de natuur van de Westerschelde meer ruimte en is intergetijdengebied ontstaan. Ook zijn binnendijks broedeilanden aangelegd. Maar daar dienen zich weer andere problemen aan. "Vossen en ratten weten zulke plekken snel te vinden," vertelt Ilse. "En zelfs als vogels daar succesvol broeden, hebben ze de slikken buitendijks nog steeds nodig om voedsel te vinden." De structurele oplossing ligt daarom volgens Ilse en Sonja niet alleen in aanvullende voorzieningen, maar vooral in het uitbreiden van het natuurlijke intergetijdengebied.

Waterveiligheid voorop

Uiteraard staat de waterveiligheid voorop. “Het mooie is juist dat meer ruimte voor slikken en schorren ook de waterveiligheid ten goede komt”, stelt Sonja. "Vaak denken mensen dat alleen een hogere dijk veiligheid biedt, maar als die eenmaal doorbreekt stroomt direct een enorme watermassa naar binnen", zegt Sonja. "Maar een gezond schor dempt de kracht van de golven en vangt sediment op. Zo groeit het gebied mee met de zeespiegel en remt het de zee af. Natuur en waterveiligheid versterken elkaar."
En er speelt nog meer. Door de stijgende zeespiegel en de afnemende rivierafvoer dringt zout water steeds verder het binnenland binnen. Die verzilting zet de landbouw in de omliggende polders onder druk.
Tegelijkertijd geldt dat zolang de kwaliteit van de natuur achteruitgaat, vergunningen voor nieuwe economische ontwikkelingen steeds moeilijker worden. Investeren in het herstel van het natuurlijke systeem is daardoor niet alleen belangrijk voor planten en dieren, maar ook voor de economie.

Kluut, strandplevier en lamsoor

Natuur die Zeeland uniek maakt

Terwijl een groep wulpen neerstrijkt op een zandplaat, kokmeeuwen boven de geulen cirkelen en in de verte een bruine kiekendief jaagt, liggen op een zandbank zeehonden te zonnen. Tussen de bloeiende zeeasters en kandelaartoortsen fladdert een koninginnenpage. Boven de dijk scheren huiszwaluwen door de lucht. Het zijn beelden die laten zien hoe bijzonder de Westerschelde nog altijd is.
"Dit is de natuur die Zeeland uniek maakt," zegt Ilse. "Dit moeten we zien te behouden." Sonja vult aan: "Deze opgave ligt niet alleen bij Staatsbosbeheer. We zullen samen meer ruimte aan de natuur moeten teruggeven. Want dit estuarium behoort tot de meest waardevolle en bijzondere gebieden van Europa en is samen met de Waddenzee van levensbelang voor miljoenen trekvogels."

Meer over dit onderwerp