Nieuws

Een wandeling door een nieuw nationaal park: Hollandse Duinen

  • 15 mei 2026
  • Nationale parken
  • Leestijd 6 minuten

Auteur

Mark Kras

Boswachter

Het is zover: Hollandse Duinen heeft de officiële status heeft van nationaal park. Naar mijn overtuiging de enige weg om natuur te beschermen. Waarom dit duingebied deze status verdient? Loop met me mee of ontdek het zelf.

Drieteenstrandloper, een vaste wintergast, peurt een mossel uit een schelp

Het koele water van de Noordzee spoelt ritmisch om mijn kuiten. Grijze garnalen dwarrelen in de golfslag op, als ruimtereizigers boven het zand. Ze bewegen geduldig voort op de deining van de zee zoeken zij de weg naar hun bestemming. Ik til mijn voet op voor een eerste stap. Zand dwarrelt op. Niet alleen door de stap ook door een schol die zichzelf snel onvindbaar maakt in de bodem. Hier vinden gewone en grijze zeehonden haar niet. Ik loop het zeewater uit. Zout kleeft aan de haren op mijn kuiten. Als ik achter mij kijk zie ik hoe de perfecte afdruk van mijn voet in het natte zand wegspoelt.

Een kompaskwal ligt gestrand in het natte zand. De wind is sinds de stranding van de kwal van oost naar west gedraaid. Ik passeer het vloedmerk. Een zwarte kraai en een scholekster doen zich tegoed aan resten van kokkels en mosselen. Tussen het blaaswier krioelt het van de zandvlooien en andere insecten. Gek idee dat het wier en zeesterren ooit als mest op de duinakkerlandjes werd gebruikt. Ook nu nog zijn er allerlei medicinale eigenschappen van blaaswier die door wetenschappers worden onderzocht.

Een wandelaar verzamelt het zwerfafval van badgasten en zeeschepen. We zijn in het domein van Rijkswaterstaat waar de gemeente het strand schoonhoudt voor de miljoenen zomergasten. De wandelaar doet een duit in het zakje. Bij de lokale horeca wacht een beloning. Maar de grootste beloning voor de samenleving is een strand ontdaan van ons mensenafval.

Nergens in Nederland meer broedende nachtegalen dan in Nationaal Park Hollandse Duinen

Lopen door mul en heet zand, de stappen zijn nu zwaarder. Een zilvermeeuw meeuwen scheeuwt op zijn Katwijks ‘Maeuwe Skraeuwt’ boven mijn hoofd. De zon brandt op mijn rug. Mijn hoed maakt wat schaduw zodat ik beter zie en mijn oren niet verbranden. Terwijl het pad omhoog gaat hoor ik de nachtegalen al. Helm in de zeereep maakt plaats voor duindoorn en kardinaalsmuts. Het hoogheemraadschap zwaait hier de scepter als beschermheer van onze kustverdediging.

In het zand zit beton verborgen. Een erfenis van een verdediging uit een donkere tijd: de Atlantikwall. Bevlogen vrijwilligers geven in de zomer in Rijksdorp en de Vleermuisbunker excursies. In de winter zijn de bunkers een half jaar lang het domein van meer dan vijf soorten overwinterende vleermuizen.

Zeldzamer dan de Afrikaanse olifant: de meervleermuis

Op een duindoorntak zit een mannetje roodborsttapuit, de snavel vol insecten. Met mijn verrekijker kijk ik of hij een blauwvleugelsprinkhaan heeft gevonden. Het is niet te zien. Een boomleeuwerik zit op het raster dat van de zeereep een rustgebied voor reeën maakt. Een blauwe zeedistel staat bijna in bloei. De plant ging bijna ten onder aan haar eigen schoonheid. Ze werd teveel geplukt en er is in de duinen te weinig stuivend zand voor deze prachtige soort. Ik doe mijn schoenen weer aan en loop over het pad van kleischelpen de duinen in. Langs het pad staat een oude peperbus, een van de mooiste aardsterren die de Hollandse Duinen rijk is.

De aan aardsterren verwante peperbus

Mijn route volgt de glooiingen in het landschap. Van droog en hoog naar nat en laag, van slangenkruid naar strandduizendguldenkruid. In een natte duinvallei speur ik naar paddenvisjes. Hier zijn op zwoele avonden de koren van rugstreeppadden en boomkikkers te horen. Mijn route buigt af, rond het waterwingebied. Miljoenen Zuid-Hollanders worden vanuit deze duinen van drinkwater voorzien.

De paddenvisjes van de rugstreep lukt het om in snel opdrogende duinmeertjes groot te worden

De geur van de dennen dringt mijn neus binnen nog voor ik de koelte van hun schaduw voel. Zweet loopt tappelings over mijn rug. Ik glimlach als ik jonge loofbomen zie tussen de dennen. Langzaam nemen ze hun plek in tussen de honderd jaar geleden aangeplante dennen. Beter voor de soortenrijkdom van het duinbos en het bos wordt minder kwetsbaar voor ziektes en brand.

Ik ben over het hoogste punt en werp een blik op de oude bunker die jaar na jaar meekleurt met de voetbalkampioenen van Katwijk. Wat zou het mooi zijn als de voetbalfans een alternatief zouden vinden voor dat vuurwerk. Een zandhagedis schiet ritselend weg onder de wilde liguster die in juli zo zoet bloeit. Ik zag hem niet maar het is heerlijk om maar het duin te luisteren.

Zandhagedis, het enige inheemse reptiel in de Hollandse duinen

De wind die ik steeds in mijn rug voelde valt weg. Ik ben in de luwte van de duinen. Schotse hooglanders zorgen voor afwisseling in de kleine hoogte verschillen van het binnenduin. Ze nemen het werk over van de konijnen die het duin zo dynamisch maakten. Die populatie duinkonijnen kwijnt weg door ziekten en stikstofdepositie. Een torenvalk bidt voor zijn muizenmaal. Een graspieper zit op het paaltje van de route die je hier mag lopen. En bij het uitkijkplatform hoor ik een blauwborst. Je kunt hier met een rolstoel komen en genieten van de rietvogels. Een groepje kneutjes vliegt voor me weg. Ik moet denken aan Ilse de Lange en Waylon als Common Linnets. Voor mij liever een vroege-vogel-duinconcert dan het nachtdonkere Eurovisie songfestival.

De kneu verstopt haar lichtblauwe eieren met rode stippen in een nest in dichte struiken

In de binnenduinrand zijn mooie musea en een fijn pretpark. Nadat ik door het oude centrum van de kustplaats ben gelopen passeer ik de statige ingang van een landgoed. Boven de pronkzaal voor Frederik Hendrik wappert de vlag. De koning is in het land. Ik loop in een bos vol dikke eiken en beuken. Een eekhoorn schiet de boom in. De bomen zijn veel ouder dan die in het Haagse Bos waarmee dit landgoed is verbonden door gemeentelijke eekhoornbruggen. De bosbodem is bedekt met een tapijt aan bloeiende boshyacinten.

Eekhoorns zijn te vinden in landgoederen van het nationaal park

Aan de rand van het bos opent zich een weids uitlicht op wat ooit hakhout bosjes waren. Ertussen liggen weides met lakenvelders. Een wulp vliegt jodelend op. De boeren produceren voedsel, bloemen en vlees. Bij hun werk creëren ze meer en meer ruimte voor weide- en akkervogels. Ik sta aan de rand van wat ooit de eerste kustlijn van Nederland was. Aan de rand van de oude strandwallen. Hier gaat zand over in veen. Voor mijn voeten ligt een veenmosrietland waar ronde zonnedauw vlees eet en echte koekoeksblon bloeien. Ik hoor een koekoek op zoek naar een onfortuinlijke kleine karekiet.

De zeldzame ronde zonnedauw is te vinden in veenmosrietlanden

Het werk van velen

Er is veel werk verzet om organisaties en mensen met elkaar te verbinden in het Nationaal Park Hollandse Duinen. Om de passie, zorg en liefde voor die prachtige onmisbare Zuid-Hollandse duinen van de hoofden in de harten te krijgen en uiteindelijk in de handen van mensen te brengen. Naar mij overtuiging de enige weg om natuur waarmee we onlosmakelijk zijn verbonden te beschermen. Niet door regels maar door de gezamenlijke ambitie om onze samenleving beter en duurzamer te maken.

Over de auteur
Boswachter Mark Kras
Mark Kras Boswachter
Boslaan 10-12
2594 NB Den Haag
westvoorden@staatsbosbeheer.nl 070-3851050
   
Meer over dit onderwerp