Nieuws
Van 15 tot en met 25 mei 2026 staat Nederland in het teken van de Week van de Biodiversiteit. Ook dichtbij huis is die rijkdom zichtbaar, bijvoorbeeld in de felblauwe flits van de ijsvogel langs het water. Met activiteiten door het hele land laat deze week zien hoeveel leven er te ontdekken is.
Biodiversiteit betekent letterlijk: de verscheidenheid aan leven. Het gaat dus niet alleen om zeldzame dieren of grote natuurgebieden, maar ook om de bloemen in een berm, insecten boven het water, vissen in een beek, bomen langs de oever en vogels die daarvan afhankelijk zijn. Een prachtig voorbeeld daarvan vind ik de ijsvogel in Westerwolde.
Wie langs de Ruiten Aa wandelt, kan zomaar een felblauwe flits laag over het water zien schieten. Dat is de ijsvogel: klein, opvallend gekleurd en razendsnel. Zijn hoge, scherpe roep verraadt vaak zijn aanwezigheid.
De ijsvogel leeft bij helder, liefst stromend water. Hij jaagt vooral op kleine visjes, maar eet ook waterinsecten. Vanaf een tak boven het water speurt hij naar beweging. Ziet hij een prooi, dan duikt hij pijlsnel naar beneden.
Maar de ijsvogel heeft meer nodig dan alleen water. Hij gebruikt bomen en struiken langs de oever als uitkijkpost. Om te broeden heeft hij steile zandige of lemige oevers nodig, waarin hij een nestgang kan graven. Daarmee is de ijsvogel sterk afhankelijk van natuurlijke, gevarieerde oevers.
De ijsvogel staat in zijn leefgebied hoog in de voedselketen. Hij eet visjes en waterinsecten. Dat betekent dat zijn aanwezigheid iets vertelt over alles wat daaronder leeft. Want voordat een ijsvogel kan jagen, moet er veel kloppen:
· er moeten waterplanten zijn waar kleine waterdieren tussen leven
· er moeten insectenlarven en andere waterdiertjes zijn
· er moeten genoeg kleine vissen zijn
· het water moet helder genoeg zijn om prooi te kunnen zien
· en de oevers moeten natuurlijk genoeg zijn om te schuilen en te broeden.
De ijsvogel is dus niet zomaar een mooie vogel. Hij is een teken dat een heel netwerk van leven functioneert.
Als de biodiversiteit achteruitgaat, merkt de ijsvogel dat ook. Wanneer water troebeler of vervuild raakt, kan hij zijn prooi minder goed zien. Als er minder waterinsecten zijn, hebben jonge vissen minder voedsel. Als visstand en insectenleven afnemen, vindt de ijsvogel zelf minder eten.
Ook strakke of verstevigde oevers zijn een probleem. Een nette, harde oever lijkt misschien verzorgd, maar biedt vaak weinig leven. Er groeien minder oeverplanten, er zijn minder insecten en de ijsvogel kan er geen nestgang graven. Zo werkt biodiversiteit als een ketting. Als onderaan schakels verdwijnen, krijgt de soort bovenaan uiteindelijk ook problemen.
Het verdwijnen van de ijsvogel uit Westerwolde zou daarom meer betekenen dan het verlies van een kleurrijke vogel. Het zou een waarschuwing zijn dat het beekdal minder gezond wordt. Dan is er mogelijk minder helder water. Minder vis. Minder insecten. Minder natuurlijke oevers. Minder rust. En uiteindelijk minder leven. Juist omdat de ijsvogel aan de top van deze kleine voedselketen staat, laat hij goed zien hoe kwetsbaar natuur is. Hij kan alleen bestaan als de basis onder hem klopt.
De Week van de Biodiversiteit herinnert ons eraan dat natuur niet vanzelfsprekend is. Ook in een gebied als Westerwolde, waar beken, bossen, houtwallen en graslanden samen een prachtig landschap vormen, blijft aandacht nodig. Door beken ruimte te geven, oevers natuurlijker te beheren, water schoon te houden en insectenrijke plekken te beschermen, helpen we niet alleen de ijsvogel. We helpen tegelijk vissen, libellen, kikkers, waterplanten, insecten en talloze andere soorten. De ijsvogel laat dat op een prachtige manier zien.