Nieuws

Mossen in het Hollandse Hout

  • 20 maart 2026
  • Flora en fauna
  • Leestijd 2 minuten

Auteur

Douwe Brouwer

Boswachter

Afgelopen zaterdag had ik, in het kader van het NPNL Soortenjaar 2026, het voorrecht om deel te nemen aan een bijzondere mossenexcursie. Onder de deskundige leiding van mossenexpert Rens van der Knoop doken we met een kleine, nieuwsgierige groep natuurliefhebbers de wondere wereld van mossen in. En wat blijkt: zodra je écht gaat kijken, gaat er weer een wereld voor je open.

Gewoon zijdemos

Een fantastisch bos

De excursie vond plaats in het Hollandse Hout, onderdeel van de Oostvaardersplassen. Dit bosgebied is bijzonder in Nederland. Waar onze bossen meestal op droge zandgronden staan, omdat die gronden minder geschikt zijn voor landbouw, ligt het Hollandse Hout op relatief vochtige en voedselrijke bodem. Hierdoor kom je er vooral loofbomen tegen, en dat biedt leefruimte aan een heel scala aan mossen die elders minder snel een plek vinden.
Het is een bos dat op het eerste gezicht misschien ‘gewoon bos’ lijkt, maar wie iets verder kijkt, merkt al snel dat bossen op voedselrijke bodem een enorme biodiversiteit kunnen herbergen. Persoonlijk wist ik dit al van vogels, loofbomen en zoogdieren, maar als je met de ogen van Rens kijkt, gaat er opnieuw een wereld voor je open: een wereld van kleine plantjes die de bodem, stammen en dode houtresten bedekken. Elk met zijn eigen vorm, textuur en voorkeur.

Op het eerste gezicht zijn het gewoon bomen. Maar kijk dichterbij: op deze linde (links) en haagbeuk (rechts) groeien complete moswerelden – elk met hun eigen structuren en kleuren.

Wat zijn mossen eigenlijk?

Mossen behoren tot de embryofyten (landplanten), maar vormen een heel oude en primitieve groep binnen het plantenrijk. In tegenstelling tot hogere planten hebben ze geen echte wortels, geen bloemen en geen zaden. In plaats daarvan bestaan ze vooral uit kleine, groene structuren die water opnemen over hun hele oppervlak, en planten ze zich voort via sporen.

Mossen worden ingedeeld in grofweg drie hoofdgroepen:

  1. Bladmossen (Bryophyta)
    Dit is de grootste en bekendste groep. Bladmossen herken je aan hun kleine stengeltjes met blaadjes, vaak in kussentjes, matjes of losse sprietjes. Binnen deze groep vallen: Veenmossen, topkapselmossen en slaapmossen.
  2. Levermossen (Marchantiophyta)
    Levermossen kunnen bladvormig zijn, maar veel soorten hebben een thallus: een plat, lobbig ‘blad’ dat direct op de bodem of stam ligt.
  3. Hauwmossen / Anthoceroten (Anthocerotophyta)
    De kleinste en minst bekende groep. Hauwmossen hebben een thallus-achtige structuur zoals levermossen, maar steken op door hun langwerpige, slanke sporendoosjes (de ‘houwen’).
    Ze komen in Nederland veel minder voor en worden vaak pas opgemerkt door kenners.

Waarom zijn mossen belangrijk voor de natuur?

Mossen zijn klein, maar hun functie in ecosystemen is gigantisch. Een paar van de positieve effecten:

  1. Mossen houden water vast
    Mossen werken als kleine sponsjes. Ze kunnen enorme hoeveelheden water opnemen en vasthouden, veel meer dan hun eigen gewicht. Hiermee dempen ze uitdroging van de bodem. Daarnaast zorgen mossen constant microklimaat. Dit is vooral zichtbaar in bossen op voedselrijke bodems: mossen stabiliseren de bosbodem en beschermen jonge plantjes.
  2. Mossen zijn pioniers - de eerste bewoners
    Veel mossen kunnen groeien op plekken waar andere planten nog geen kans zien, zoals: kale grond, stenen of rotsen, op boomstammen of op dood hout. Ze bereiden de weg voor andere soorten doordat ze organisch materiaal opbouwen en de ondergrond langzaam veranderen.
  3. Een thuis voor talloze organismen
    Mossen vormen een mini-ecosysteem op zichzelf. Insecten leggen er eitjes in, springstaarten en mijten leven tussen de blaadjes, slakken en larven eten het mos of de kleine organismen ertussen en vogels gebruiken mos als nestmateriaal.
  4. Mossen verbeteren de lucht- en bodemkwaliteit
    Mossen nemen water en voedingsstoffen direct op uit hun omgeving, waardoor ze gevoelig zijn voor vervuiling. Daardoor worden ze vaak gebruikt als indicator voor luchtkwaliteit.
  5. Koolstofopslag (vooral veenmossen)
    Hoewel veenmossen in Nederland buiten de hoogvenen minder voorkomen, zijn ze wereldwijd enorm belangrijke koolstofbuffers.
    Ze groeien bovenop elkaar waardoor dikke pakketten veen ontstaan die eeuwenlang CO₂ vasthouden.
V.l.n.r: gewoon haarmuts, bleek boomvorkje, knikkersterretje, dwergwratjesmos, klein kringmos, struikmos, gewoon smaragdsteeltje, gewoon thujamos, parapluutjesmos, gewoon zijdemos, beekmos.

56 soorten in een paar uur tijd

In slechts een paar uur tijd wisten we 56 soorten mossen te vinden. Het merendeel betrof algemene soorten, maar er zaten ook enkele minder algemene en zelfs een paar zeldzame tot zeer zeldzame soorten tussen. Elke keer kwam Rens weer met een nieuwe soort die we nog niet hadden gezien. Hij ratelde moeiteloos de wetenschappelijke (Latijn of Grieks) naam op, maar moest vaak even nadenken over de Nederlandse benaming, die in mijn ogen toch echt veel makkelijker te onthouden zijn/ Het was een genot om zoveel soorten te ontdekken, ik voelde me een kind in een snoepwinkel. Zóveel te zien, zelfs op de schaal van een paar centimeter. Wat een wonderlijke natuur.

Met verwondering naar huis

Aan het einde van de excursie gingen we naar huis met verwondering over deze soortgroep waar je normaal gesproken zo aan voorbij loopt. En dan zegt Rens, met een glimlach op zijn gezicht: “Als je me nog een dag geeft, vind ik er zo nog een hele boel soorten bij.” En dan te bedenken dat we volgende week een soortgelijke excursie hebben, speciaal voor korstmossen. Ik vrees dat dat óók overweldigend wordt!

Wil je weten welke mossen we allemaal gevonden hebben? Kijk dan op de BioBlitz pagina van het NPNL Soortenjaar 2026.

Over de auteur
Meer over dit onderwerp