Natuurgebied

Grotelsche Heide en De Biezen

De idyllisch kronkelende Esperloop, die uitmondt in de Snelle Loop. Afgewisseld met heide, poelen en bos. In de Biezen ga je via allerlei knuppelbruggetjes dwars door het elzenbroekbos en ontdek je een landweer uit de Middeleeuwen.

Over Grotelsche Heide en De Biezen

Snelle loop: dubbele loop

Op de Grotelsche heide heeft de Snelle loop een dubbele loop. Er is een stroom met vistrappen en vispassages, waardoor vissen een betere leefomgeving hebben en zich goed kunnen verplaatsen. De andere loop zorgt er voor, dat het water goed afgevoerd of juist vast gehouden kan worden. In de zomer vind je de weidebeekjuffer langs de Snelle Loop.

Begrazing door runderen

Schrik niet als u op de Grotelsche heide een kudde Aberdeen Angus koeien tegen het lijf loopt. Deze imposante dieren zorgen er voor dat de grasland, heide en beekdal niet veranderen in bos. U kunt ze vinden op het schraalgrasland in de grote begrazing, de omliggende bosjes, in het beekdal van de Snelle Loop, de Esperloop of bij één van de poelen.

De knalgele dotterbloem bloeit hier soms al in januari.

Dotterbloem en dubbelloof

Op de steile oevers van de Esperloop groeit dubbelloof, een bijzondere varen. In het bos langs de beek zie je klimplant wilde kamperfoelie slingeren. In de moerassige plas-dras zones in en rond de beek komen onder meer gewone dotterbloem, holpijp en kleine watereppe voor. Dit zijn typische ‘kwelplanten’; zij duiden op het mineraalrijke grondwater dat hier omhoog komt.

Doordat het kwelwater zo diep uit de bodem komt, heeft het water een constante temperatuur; in de zomer relatief koel, in de winter relatief warm. Daardoor bloeit de knalgele gewone dotterbloem hier soms al vanaf eind januari, met een tweede bloei in augustus of september.

75 vogelsoorten 

De Grotelsche heide en de Biezen zijn een belangrijke pleisterplaats en broedgebied voor talloze vogelsoorten, waaronder ook een groot aantal vogels, die in ons land nu zeldzaam zijn . Denk hierbij aan watersnip, wulp, zomertortel, spotvogel, wielewaal en grote lijster. Het kleinschalige, afwisselende en plaatselijke natte landschap is voor hen een walhalla. Tijdens een wandeling in de vroege ochtend kun je hier genieten van een vogelconcert.

Geelgors en boomleeuwerik

De geelgors is een karakteristieke soort van de overgangen tussen bos en open landschap, waar ze verblijven in kleinschalig boerenland met bomenrijen, houtwallen, akkers en weilanden. Niet verwonderlijk dat ze terug te vinden zijn in zowel De Biezen als de Grotelsche Heide, met in totaal maar liefst 56 broedparen. Een andere kenmerkende vogel voor dit gebied is de boomleeuwerik die je in de lente kunt zien baltsen boven heide en grasvlaktes.

Broedende slechtvalk

In de KPN-zendmast Toren van de Mortel broedt de slechtvalk, die je al jagend langs kunt zien scheren in de omgeving van de Snelle Loop. Het is niet alleen de snelste roofvogel, maar ook het snelste dier ter wereld. Onder de toren is een vogelspotplek met bankjes, waar vogelliefhebbers hun hart op kunnen halen.