Vastgoed

Ruilovereenkomst Slijk-Ewijk, Oosterhout en Lent (Z20-6273)

Staatsbosbeheer heeft het voornemen om over te gaan tot het sluiten van een ruilovereenkomst waarbij percelen natuurgronden worden geruild tussen Staatsbosbeheer en het Waterschap Rivierenland in het kader van een gebiedsproces. De bij de ruiling in te brengen percelen zijn gelegen in de uiterwaarden nabij Slijk Ewijk, Oosterhout en Lent, kadastraal bekend als gemeente Valburg, sectie K, nummers 614 (ged),768, 610 (ged), 794, 569 (ged),796, 798, sectie D nummers 360 (ged), 359 (ged) sectie L nummers 1851 (ged),1646 (ged),1793 (ged), 1795 (ged), gemeente Nijmegen sectie D nummer 1013 (ged) sectie F 140 (ged) gemeente Lent sectie B 1891 (ged).

Bekendmaking - 20 april 2026

Bekendmaking als bedoeld in het Convenant over het van overheidswege bieden van gelijke kansen bij uitgifte voor gronden voor natuur, alsmede bedoeld in het arrest van de Hoge Raad van 26 november 2021 ECLI:NL:HR:2021:1778, rechtsoverweging 3.1.6.

Staatsbosbeheer heeft het voornemen om over te gaan tot het sluiten van een ruilovereenkomst waarbij percelen natuurgronden worden geruild tussen Staatsbosbeheer en het Waterschap Rivierenland in het kader van een gebiedsproces. De bij de ruiling in te brengen percelen zijn gelegen in de uiterwaarden nabij Slijk Ewijk, Oosterhout en Lent, kadastraal bekend als gemeente Valburg, sectie K, nummers 614 (ged),768, 610 (ged), 794, 569 (ged),796, 798, sectie D nummers 360 (ged), 359 (ged) sectie L nummers 1851 (ged),1646 (ged),1793 (ged), 1795 (ged), gemeente Nijmegen sectie D nummer 1013 (ged) sectie F 140 (ged) gemeente Lent sectie B 1891 (ged).

Staatsbosbeheer is van oordeel dat bij deze ruilovereenkomst geen mededingingsruimte door middel van een selectieprocedure hoeft te worden geboden, nu bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor deze inbreng.

Het gaat om vervreemding door middel van inbreng in een grondruil in het kader van de realisatie van een gebiedsproces. Staatsbosbeheer verkrijgt hierbij andere grond.

Op basis van deze criteria, die redelijk, toetsbaar en objectief zijn, heeft Staatsbosbeheer het voornemen om voornoemd perceel onderhands via de ruilovereenkomst aan betreffende gegadigde over te dragen, aangezien op basis van het genoemde criteria bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat slechts deze gegadigde als serieuze gegadigde in aanmerking komt.

Een belanghebbende die het hier niet mee eens is en voor één of meerdere van voornoemde percelen in aanmerking wenst te komen dient vóór 11 mei 2026 een reactie bij Staatsbosbeheer in te dienen waarin wordt gemotiveerd waarom hij of zij, onder toepassing van dezelfde criteria, als serieuze gegadigde ook in aanmerking kan komen voor deelname in de ruilovereenkomst met daarbij de verkrijging van betreffend kadastrale perceel. Door niet te reageren binnen de gestelde termijn verliest een belanghebbende definitief zijn of haar mogelijkheid om voor de verkrijging van bovengenoemd kadastraal perceel in aanmerking te komen.

Een reactie als bedoeld kunt u binnen de eerder genoemde reactietermijn richten aan grondengebouwen@staatsbosbeheer.nl onder vermelding van Z20-6273, betreffende kadastrale perceel en toelichting waarom u in aanmerking wenst te komen voor verkrijging daarvan.

Staatsbosbeheer behoudt zich uitdrukkelijk het recht voor om alsnog af te zien van de voorgenomen ruiling, aan deze bekendmaking kunnen geen rechten worden ontleend.