Recreatie

5 vragen over de buitencentra

Begin juli 2026 maakte Staatsbosbeheer zijn voornemen bekend om aan het einde van dit jaar te stoppen met het concept van de buitencentra. Het voorgenomen besluit leverde veel reacties op. Om recht te doen aan deze reacties neemt Staatsbosbeheer meer tijd om tot een besluit te komen. Concreet betekent dit dat de buitencentra langer openblijven.

De buitencentra vervulden jarenlang een belangrijke rol als ontvangst-, informatie- en ontmoetingspunt voor bezoekers van onze natuurgebieden. Ze staan in De Pelen, Almeerderhout, Oostvaardersplassen, Schoorlse Duinen, Sallandse Heuvelrug, Drents-Friese Wold en bij het Boomkroonpad op de Hondsrug. Er werken 23 medewerkers en er zijn 350 vrijwilligers actief. Nadat de financiering door het Rijk in 2014 wegviel, is het niet gelukt om tot een structureel sluitende exploitatie te komen.

1. Wat betekent het concreet dat er meer tijd wordt genomen voor een besluit?

Vanwege de vele reacties vanuit de ondernemingsraad, vakbonden, betrokken medewerkers, vrijwilligers en de buitenwereld is duidelijk geworden dat we enkele maanden meer tijd nodig hebben om een zorgvuldig besluit te nemen. We willen daarbij tempo houden om de onzekerheid voor alle betrokkenen zo kort mogelijk te laten zijn. Tegelijkertijd geeft het tijd om mogelijkheden te verkennen en per locatie gesprekken te voeren met partners en andere stakeholders.

2. Waar hebben we het over?

De buitencentra van Staatsbosbeheer ontvangen jaarlijks zo'n 1,3 miljoen bezoekers en vervullen al jarenlang een rol als ontvangst-, informatie- en ontmoetingspunt voor bezoekers van natuurgebieden. Ze staan in de Pelen, Almeerderhout, Oostvaardersplassen, Schoorlse Duinen, Sallandse Heuvelrug, Drents Friese Wold en bij het Boomkroonpad in Drouwen. Tot 2014 werden deze bezoekerscentra door het Rijk gefinancierd. Nadat deze financiering verviel, heeft Staatsbosbeheer ze vanwege hun maatschappelijke waarde jarenlang opengehouden en gezocht naar mogelijkheden voor een structureel sluitende exploitatie. Dat is tot op heden niet gelukt, met een jarenlang structureel verlies tot gevolg. Daarnaast zien we dat, door oplopende kosten voor personeel - loonsverhogingen in de CAO Rijk krijgt Staatsbosbeheer niet vergoed - en (verduurzaming van) gebouwen, dit verlies de komende tijd verder zal toenemen.

3. Waarom overweegt Staatsbosbeheer dit?

De belangrijkste reden hiervoor is dat Staatsbosbeheer meer focus wil aanbrengen op de kerntaak natuurbeheer en de beschikbare middelen zo effectief mogelijk wil inzetten. Zolang de kosten die we maken voor natuurbeheer hoger liggen dan de subsidie die we ervoor ontvangen, ligt onze prioriteit bij het zo optimaal mogelijk beheren van die natuurgebieden. Ook omdat goed natuurbeheer bijdraagt aan het herstel van biodiversiteit en aan de oplossing van (de maatschappelijke gevolgen van) het stikstofprobleem. Deze keuze betekent dat Staatsbosbeheer geen geld meer heeft voor activiteiten die niet kostendekkend zijn. Daar horen de buitencentra ook toe.

4. Hoe gaat het proces verder?

De tijd wordt benut om de alternatieven en gevolgen nader uit te werken, waaronder de consequenties voor medewerkers en vrijwilligers, de vastgoedbestemming en voor de lokale invulling van de publieksinformatie, excursies en educatie. Die uitwerking verschilt per locatie en houdt rekening met de lokale situatie, bestaande afspraken en lopende contracten.

5. Hoe zit het met natuureducatie en excursies?

Staatsbosbeheer wil als dé publieke natuurbeheerder betrouwbare, heldere en toegankelijke informatie bieden over de gebieden die het beheert en over het werk dat daar plaatsvindt. De behoefte aan publieksinformatie, bezoekers informeren en betrekken bij natuur, beheer, maatschappelijke opgaven en educatie blijft een belangrijk onderdeel van de taak van Staatsbosbeheer.

Staatsbosbeheer laat in de praktijk in alle gebieden zien dat deze publieksfunctie ook zonder buitencentrum kan worden ingevuld. Daarbij gaat het om een passende combinatie van middelen, activiteiten en contacten, afhankelijk van het gebied en de bezoekers. Denk aan bebording en andere fysieke publieksinformatie in het gebied, de aanwezigheid van boswachters, excursies, digitale informatie, andere activiteiten en samenwerking met partners en vrijwilligers.

We blijven door heel Nederland de Nationale Boomfeestdag, het programma Natuurwijs en kostendekkende excursies ondersteunen. Daarnaast werken we samen met partners zoals IVN Natuureducatie, (lokale) natuur- en milieueducatie, scholen, gemeenten, etcetera om natuurbeleving en natuureducatie voor een breed publiek toegankelijk te maken.