Toekomstboeren

  • 08 november 2021
  • Achtergrondverhaal
  • Leestijd 5 minuten

Meer dan de helft van Nederland bestaat uit landbouwgrond. En juist dáár is het verlies aan biodiversiteit het grootst. Het roer moet dus om, willen we onze plattelandsnatuur niet verliezen. Maar hoe? En hoe ziet de landbouw van later eruit?

Eric Lamers van De Schutkooi in Boxmeer: "Het kán: een nette boterham verdienen terwijl je ook goede zaken doet voor de biodiversiteit."

Rijke uiterwaarden

Eric Lamers boert natuurinclusief op De Schutkooi in Boxmeer, in het door Staatsbosbeheer beheerde Maasheggengebied. “We zitten hier op rijke uiterwaarden waar al eeuwenlang wordt geboerd. De Schutkooi vormt een gemengd bedrijf in de breedste zin van het woord. We fungeren als zorgboerderij, zijn actief in recreatie, toerisme en educatie, doen aan landschaps- en natuurbeheer én hebben veertig ‘dubbeldoelkoeien’ die topkwaliteit zuivel en vlees opbrengen.

Wat mij betreft mogen bedrijven zoals het onze vaker in de schijnwerpers. Veel gangbare boeren zijn sceptisch of er wel toekomst zit in natuurinclusieve landbouw. Wij kunnen ze overtuigend laten zien dat het echt kán, een nette boterham verdienen terwijl je ook goede zaken doet voor de biodiversiteit. Voldoende grond is wel belangrijk, want als natuurinclusieve boer kun en wil je niet de maximale opbrengst uit je land persen. Het is dus goed dat Staatsbosbeheer er extra pachtgrond voor ter beschikking stelt.

Qua regels en voorschriften valt nog veel te winnen voor natuurinclusieve landbouw. Zo was het een hele toer om níét primair de laagste prijs doorslaggevend te laten zijn bij de Europese aanbesteding van het onderhoud van de vele heggen hier. Als ‘huisboer’ zijn wij misschien ietsje duurder, maar wij gaan tenminste niet aan het werk als de grond eigenlijk nog te nat is om met de machines te betreden of als er veel jonge, kwetsbare dieren zijn. Dit gebied is mijn achtertuin; ik doe er alles aan om er zo goed mogelijk voor te zorgen.” 

Linda Duijndam van Hoeve Biesland in Delfgauw: “Dieren en gewassen krijgen hier de rust en ruimte om op een gezonde manier te groeien.”

Middenin de Randstad

Linda Duijndam: “We zitten middenin de Randstad, op een kwartiertje fietsen van Den Haag en Delft. Mijn grootouders boerden hier al. Mijn vader wilde graag blijven, maar met gangbare landbouw ging dat niet. Daarom is hij overgestapt op biologisch-dynamisch. Dieren en gewassen krijgen hier de rust en ruimte om op een gezonde manier te groeien. We boeren in balans met de natuur maar gebruiken ook moderne technologie, zoals voer- en strooirobots op zonne-energie.

De Hoeve beschikt over ruim 300 hectare, merendeels natuurterreinen, waarvan we ongeveer de helft pachten van Staatsbosbeheer. Onze bedrijfsvoering richt zich nadrukkelijk ook op versterking van biodiversiteit, waterkwaliteit en landschappelijke waarde. We vernatten bijvoorbeeld de graslanden om ideale omstandigheden te creëren voor weidevogels. Ik ben trots op het gezonde, hoogwaardige voedsel dat we op de Hoeve produceren. Het vindt gretig aftrek in onze boerderijwinkel en in de lokale horeca. We proberen de keten kort en de kringloop gesloten te houden. De consument krijgt daar gelukkig steeds meer waardering voor. Ons lukt het om natuur en landbouw op een financieel gezonde manier met elkaar te verweven, maar voor een omschakeling van de hele landbouwsector moet nog veel veranderen – in het gedrag van de consument én niet te vergeten de supermarktketens. Toch ben ik optimistisch. Mede dankzij het pionierswerk van bedrijven zoals het onze is beslist al een verandering in gang gezet."

Maurits Tepper van de Eytemaheert in Leutingewolde: “In het boerenbedrijf van de toekomst draait het om het vinden van de perfecte, natuurlijke balans.”

Groninger blaarkoppen

Maurits en Jessica Tepper: “Wij zijn ervan overtuigd dat de landbouwsector een sleutelrol kan vervullen bij het tackelen van grote uitdagingen zoals klimaatverandering en biodiversiteitsverlies. In het boerenbedrijf van de toekomst draait alles om het vinden van de perfecte, natuurlijke balans. It's not the cow, it's the how. Als natuurboerderij werken wij mét de natuur. Vanuit het idee van herstellende landbouw doen we bijvoorbeeld veel moeite voor bodemverbetering, zodat de bodem weer een goede basis vormt voor biodiversiteit en de productie van gezond en hoogkwalitatief voedsel.

Onze honderdzeventig Groninger blaarkoppen, een zeldzaam maar sterk koeienras, leveren vlees en kaas die we via eigen verkoopkanalen aan de man brengen. Ook spelen ze een belangrijke rol als begrazers en bemesters van de gras- en natuurlanden op en rond de Eytemaheert. Dankzij onze natuurinclusieve aanpak groeien daar weer allerlei kruiden, bloemen en grassoorten, die volop insecten en (weide)vogels aantrekken. Kunstmest en bestrijdingsmiddelen zijn taboe op ons bedrijf, net als mest en voer van buitenaf – onze koeien krijgen alleen ‘eigen’ gras.

Al sinds de start van ons bedrijf, nu zes jaar geleden, zijn we bezig met kringlooplandbouw. Daarin zijn we een van de voorlopers. Dat trok ook de aandacht van Wageningen University & Research. Sinds 2019 hebben we een samenwerkingsverband met ze, als onderzoeksboerderij voor natuurinclusieve kringlooplandbouw. Op die manier worden de inzichten en ervaringen die we hier opdoen, dus ook op de grond die we pachten van Staatsbosbeheer, benut voor de verduurzaming van de hele Nederlandse landbouw.”

Natuurinclusieve Landbouw

In de landbouw wordt steeds vaker met andere ogen gekeken naar de ‘gratis’ maar o zo waardevolle diensten van Moeder Natuur, zoals zuivering van vervuilde lucht of vastlegging van CO2. Dat kan gunstig zijn voor een meer natuurinclusieve landbouw. Want als natuur en natuurlijke processen eenmaal een prijskaartje krijgen, wordt het mentaal veel moeilijker om voorbij te gaan aan schade eraan. Iets kostbaars kapotmaken voelt immers erger dan iets slopen dat zogenaamd gratis is.

Kringlooplandbouw

Ook in het Nederlandse landbouwbeleid is die verschuiving merkbaar. Veel hoop is gevestigd op kringlooplandbouw, een sleutelbegrip in de jongste landbouwvisie van het ministerie van LNV. Staatsbosbeheer juicht toe dat de overheid duidelijk afkoerst op meer duurzame vormen van landbouw. Tegelijkertijd erkennen we dat zo’n omvorming tijd kost. Vanuit haar maatschappelijke rol, en als verpachter van tienduizenden hectares grond aan boeren, wil Staatsbosbeheer daar een voortrekkersrol bij spelen. Vanuit het Programma Natuurinclusieve Landbouw biedt Staatsbosbeheer letterlijk en figuurlijk ruimte aan 40 experimenten. Zij onderzoekt samen met boeren en wetenschappers in de praktijk hoe natuurinclusieve landbouw kan bijdragen aan meer biodiversiteit, minder CO2-uitstoot en een beter natuurbeheer. Op die manier leggen de voorlopers van vandaag de basis voor de landbouw van morgen.

Ook interessant