Over Staatsbosbeheer

Natuur waarmee je je verbonden voelt. Daar maakt Staatsbosbeheer zich sterk voor. Een Nederland waar we natuur en landschap koesteren, maar waar ook plaats is voor beleven en benutten. 

Bd schimmel toch een bedreiging voor geelbuikvuurpad


De geelbuikvuurpad is een soort die het in Nederland niet gemakkelijk heeft. Lang leek de bedreiging van de chytrideschimmel Batrachochytrium dendrobatidis [Bd] aan het dier voorbij te gaan. Uit jarenlang onderzoek in de natuurgebieden van Limburg is echter gebleken dat deze schimmel wel degelijk een bedreiging vormt voor de soort in Nederland. 

(Fotograaf: Frank Pasmans)

Het bestaan van de chytride-schimmel Bd in Nederland werd bekend in 2010. Er werden destijds in Nederland ook besmette geelbuikvuurpadden aangetroffen. Deze schimmel heeft wereldwijd al veel amfibieënpopulaties, en zelfs ook soorten, laten uitsterven. Onderzoek van RAVON laat echter zien dat Bd ook in Nederland waarschijnlijk al langer voorkomt, maar dat de aanwezigheid van de schimmel hier nooit heeft geleid tot massale uitbraken. 

Onderzoek

RAVON en de Universiteit Gent verrichtten zeven jaar onderzoek naar de dynamiek van twee populaties geelbuikvuurpadden in Limburg. Dit onderzoek laat zien dat Bd wel degelijk de overleving van individuele geelbuikvuurpadden verlaagt. Ongeacht de conditie van een dier, had elk dier een even grote kans om besmet te raken met de schimmel. Eenmaal geïnfecteerd daalde de overlevingskans van het individu aanzienlijk. Gedurende de onderzoeksperiode bleven de onderzochte populaties echter constant van omvang. Dit komt omdat in de jaren waarin er een duidelijk verlaagde overleving was van de volwassen dieren, dit werd gecompenseerd door een verhoogde overleving van de jonge dieren. 

Theorie

Hoe kan het dat sommige ziekteverwekkers (Bd) en hun gastheer (geelbuikvuurpad) samen kunnen voorkomen? Een mogelijkheid is dat de ziekteverwekker geen reactie van de gastheer opwekt, ze leven dan dus eigenlijk in harmonie. Een andere mogelijkheid is dat de ziekteverwekker wel degelijk impact heeft op de gastheer, maar dat alleen de zwakkere dieren worden getroffen. Dit levert dus geen grote extra last op voor de populatie, want deze dieren hadden toch al een hogere kans snel te sterven. Een derde mogelijkheid is dat de ziekteverwekker wel extra sterfte oplevert, maar dat de populatie als geheel hiervoor kan compenseren, bijvoorbeeld door meer jongen te krijgen. Zo kan een ziekteverwekker dus onopgemerkt blijven, maar wel degelijk een impact hebben op individuele dieren.

Lang en gelukkig?

Dankzij de hoge overlevingskans van jonge dieren is de soort in Nederland in staat om langere tijd met een ziekteverwekker te overleven. Het is echter geen duurzame verstandhouding. Als door veranderende omstandigheden in bijvoorbeeld omgevingstemperatuur of in het beheer van de leefgebieden de situatie minder geschikt wordt, kan de aanwezigheid van de schimmel wel degelijk een serieuze bedreiging vormen voor de soort. De focus voor het behoud van de soort moet dan ook liggen op het in stand houden, verbeteren en vergroten van de bestaande leefgebieden. Het verplaatsen en introduceren van dieren naar andere gebieden vormt een hoog risico op het verplaatsen van ziektes.

Samenwerking

Het onderzoek vond plaats in Groeve ‘t Rooth en in Wahlwiller in samenwerking met Limburgs Landschap, Sibelco en Staatsbosbeheer. Het onderzoek is vanaf 4 oktober te lezen in het artikel “Fragile co-existence of a global chytrid pathogen with amphibian populations is mediated by environment and demography” in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Royal Society B.

 

Deze site gebruikt cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten