Groene Hart - Vechtstreek

Oude forten, lopen over trilveen en spelen in het Gagelbos. Veel afwisselender dan de Vechtstreek wordt het niet!

LIFE Laagveen Oostelijke Vechtplassen

Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten werken aan het herstel van het laagveen in 7 gebieden in Nederland. Het project ‘Nieuw Leven in het veen’ (New Life for Dutch Fens) is mogelijk dankzij bijdragen vanuit het Europese programma LIFE Nature en subsidie van Nederlandse overheden. De Oostelijke Vechtplassen is een van de gebieden waar het laagveen wordt hersteld. Staatsbosbeheer gaat er op 2 plekken aan de slag: de Molenpolder en de Westbroekse Zodden.

Werk in de Molenpolder

In de Molenpolder (vlakbij Tienhoven) wordt het oorspronkelijke verveningspatroon van legakkers en petgaten hersteld. Er is geld om in totaal 1200 strekkende meter aan te pakken. Hier worden de oevers van legakkers vrijgemaakt van begroeiing en de trekgaten uitgebaggerd. De oevers lopen straks niet steil af, maar er komt een ‘plateau’ van 3 meter voor te liggen. Deze strook ligt net onder de waterspiegel en zal bij een laag peil soms onder water liggen. Op deze grens van land en water kan het proces van verlanding vanaf het begin plaatsvinden.

Doel herstel Molenpolder

De beste graadmeter voor een succesvol herstel van laagveen, is de aanwezigheid van 'kritische soorten'. “We willen de purperreiger als broedvogel terug”, is het eerste dat boswachter Bert van Dijk noemt. Het woudaapje dat een stukje verderop zit, ziet hij ook graag komen. En de grote modderkuiper. “Die zat hier vroeger, maar verdween door de slechte waterkwaliteit”. De groene glazenmaker (libel) is ook zo’n graadmeter. De vrouwtjes leggen hun eitjes op krabbenscheer. En dat groeit alleen in schoon water. Van Dijk: “Nu is het water een soep met zwevende deeltjes. Als we straks hebben gebaggerd, zal het helderder zijn. Zonlicht dringt weer door tot op de bodem. Dat is goed voor alle libellen en vissen die het van hun zicht moeten hebben.”

Kwelwater in de Westbroekse Zodden

In deze polder gaat Staatsbosbeheer ongeveer 20 hectare blauwgraslanden herstellen. Dat zijn natte, schrale graslanden. Er zijn niet zoveel plekken waar je het vindt, want de omstandigheden moeten precies goed zijn. Voor blauwgrasland heb je voedselarm water nodig. In de Westbroekse Zodden, op de grens van veen en zand, is dat kwelwater van de Utrechtse Heuvelrug. Staatsbosbeheer gaat de voedselrijke bovenste grondlaag afgraven (de zogeheten bouwvoor) en het oude reliëf herstellen, zodat het kwelwater weer de oppervlakte bereikt. Ook worden er maatregelen getroffen om het schone water langer in het gebied te houden.

Doel inrichting Westbroekse Zodden

Staatsbosbeheer wil leefgebied creëren voor soorten die afhankelijk zijn van blauwgraslanden. De noordse woelmuis bijvoorbeeld. De combinatie van een hoog waterpeil, schoon kwelwater en voedselarm grasland maakt het mogelijk dat er zeldzame plantensoorten groeien, zoals blauwe zegge, blauwe knoop en klokjesgentiaan. Als deze plantjes bloeien, zijn de blauwgraslanden wat ze horen te zijn: blauw.

Planning

In de Westbroekse Zodden is Staatsbosbeheer najaar 2014 met de werkzaamheden gestart. In de Molenpolder starten de terreinwerkzaamheden in 2015.

Onderzoek naar verlanding in de Molenpolder en Westbroekse Zodden

De komende jaren vindt in de Molenpolder en Westbroekse Zodden onderzoek plaats naar de verlanding in deze reservaten: het onderzoeksproject OBN-Verlanding (Overlevingsplan Bos en Natuur 2013 - 2015). Verlanding is het uiteindelijk dichtgroeien van laagveenpetgaten met planten. Het onderzoek is nodig, omdat niet goed bekend is hoe de verlanding precies verloopt, waarom het vaak niet op gang komt en welke maatregelen genomen kunnen worden om dit te stimuleren. Het herstel van verlandingsvegetaties is essentieel voor duurzaam natuurherstel, soortbescherming, variatie in leefomgeving en veenvorming in laagvenen.

Meer informatie

Algemene informatie over het project Nieuw leven voor laagveen vind je in het dossier LIFE Laagveen. Voor vragen over het project in de Oostelijke Vechtplassen kun je contact opnemen met boswachter Bert van Dijk.