De boommarter leeft in oude bossen en parkachtige landschappen, waar hij in holle bomen of verlaten nesten woont. Hij jaagt op eekhoorns, muizen, konijnen, vogels en kikkers en vult zijn dieet aan met paddenstoelen en bessen. Hij heeft een chocoladebruine vacht met een gele keelvlek en meet ca. 35 tot 50 cm. De boommarter is een behendige klimmer die sprongen tot 4 meter van boom tot boom kan maken. In het voorjaar werpt het vrouwtje één tot zes jongen, die na een half jaar zelfstandig zijn.
Het Speulder- en Sprielderbos is het grootste boombos van Nederland. De bossen zijn geworteld in grond die nooit een andere bestemming dan bos heeft gehad. Dit is één van de belangrijkste leefgebieden voor de boommarter.
Vliegden
In stuifzandgebieden steken vaak her en der grillig gevormde dennen de kop op. Het zijn grove dennen die spontaan zijn opgeschoten uit verwaaide zaadjes. Daarom heten ze vliegdennen. Door het spel van zand en wind zijn takken en stam in grillige bochten gekromd. Bij sommige bomen heeft de wind het zand tussen de boomwortels weggeblazen, zodat je onder de wortels door kunt kruipen. Bij andere is de stam juist helemaal ondergestoven zodat alleen een stukje van de kruin uit het zand steekt.
Veluwe-Midden is een belangrijk leefgebied voor grote in het wild levende hoefdieren. Edelherten en wilde zwijnen zijn hier talrijk, maar ook kleine zoogdieren als konijn, das, vos, ree en boommarter zijn vaste bewoners. Een ontmoeting met een havik, buizerd, raaf of zwarte specht is hier geen zeldzaamheid.
Het Kootwijkerzand is de grootste levende zandverstuiving van West-Europa, met een unieke vegetatie. Naast de karakteristieke vliegdennen groeit er bijvoorbeeld haarmos, heidespurrie en zandzegge.