De Houtwiel was lange tijd een leeg en moeilijk toegankelijk moeras. Het land op de overgang van zandgronden en zeeklei aan de waddenkust was het domein van vissers, jagers en boeren. In de loop van de tijd zijn de meeste van deze moerasgebieden in Friesland ontgonnen, vooral voor de landbouw.
Parel
Dat lot is De Houtwiel bespaard gebleven. Het 220 hectare grote natuurgebied is een zeldzaam restant van rietmoeras en blauwgrasland. Een parel in de 'natte as' van natuurgebieden die van het Lauwersmeer naar het Grote Wielencomplex bij Leeuwarden loopt, en van daar via de Friese meren naar de kop van Overijssel en het IJsselmeer.
De Goddeloze Singel
Dit middeleeuwse kloosterpad, dat door bewaking en tolheffing een veilige handelsroute moest garanderen, loopt midden door de Houtwiel. Nu is het een wandelpad waar u zich nog een pelgrim kunt wanen. Het is deel van een vijf km lange wandelroute die Staatsbosbeheer in het gebied heeft uitgezet. Vanaf de parkeerplaats bij het Goddeloze Tolhuis onder Broeksterwoude voert de route door het moerasgebied en naar een heuvel met een schitterend uitzicht over De Houtwiel.
Landgoed Stania State
Stania State behoort tot de mooiste landgoederen van Nederland. Alles ademt de sfeer van de 19e eeuw. Speelse waterpartijen, slingerpaadjes, weilanden, bosjes en fraaie lanen wisselen elkaar af. Het landhuis is een echte Friese ‘state’, wat een aanzienlijk huis betekent. Aanzienlijk zijn ook de bomen. Sommige zijn reusachtig groot. Ze staan er al 250 jaar. Verken het landgoed op eigen gelegenheid, of ga mee met een rondleiding. U vindt er een restaurant, speelweiden en picknickplaatsen. meer info
Dokkumer Wouden
Wie van bos houdt, komt in de Dokkumer Wouden aan zijn trekken, maar ook vogelliefhebbers kunnen er hun hart ophalen. De Dokkumer Wouden zijn namelijk een bonte verzameling natuurgebieden, op de zandrug ten zuiden van Dokkum. Ten noorden van deze zandrug vind je weiden op kleigrond. In het zuiden en westen tref je veengebied, met de kenmerkende houtwallen. Bij Klaarkampermeer is zelfs nog de plek te vinden waar een oud klooster uit de 12e eeuw heeft gestaan.
De Dokkumer Wouden zijn gelegen op de zandrug die het noordelijke kleigebied van het zuidelijke veengebied scheidt. Hierdoor ontstaat een afwisselend landschap waar de sporen van menselijke bewoning en grondwinning duidelijk zichtbaar zijn. Zo is de grondverkaveling door de eeuwen heen goed te zien door de verschillende houtwallen. En het Driezumermeer – tegenwoordig een geliefde visplek – ontstond door zandwinning.
Clarus Campus
Het Klaarkampermeer dankt haar naam aan het in 1165 gestichte cisterciënzer klooster Clarus Campus. Op de terp waar het klooster stond, herinnert een eenvoudig monumentje nog aan deze tijd. De monniken uit deze tijd groeven veen op voor brandstof en bakstenen, waardoor het Klaarkampermeer ontstond. In dit meertje zijn bij laagwater boomstammen te zien van het oerbos dat hier duizenden jaren voor onze jaartelling stond. Bij warm weer is zelfs het zilte kwelderwater uit die tijd slaat zichtbaar als witte zoutlaag op de boomstammen.
Rijke natuur
De verschillende grondsoorten leveren een rijke variëteit aan flora en fauna op. Het grasland is een bekend en belangrijk weidevogelgebied, en in het brakke kwelwater doen zeekraal, zeeaster en melkkruid het goed. In het rietland broedt onder andere de blauwe kiekendief.
Tot de Dokkumer Wouden behoren de dorpen Damwoude, Broeksterwoude, De Valom, Driesum en Wouterswoude.
Mieden en Marren
Op weg van Zuid-Friesland naar Lauwersmeer ligt een goedbewaard geheim: de Mieden en Marren. Waterliefhebbers zullen het gebied vooral kennen van het Bergumermeer en de Leijen. Maar wie de boot af en toe aanlegt of uit de auto stapt, ontdekt een knus landschap van houtwallen, veenputjes, bruggetjes en zwerfpaden.
Moeras
Oorspronkelijk was het gebied moerassig met broekbossen en kreken. Door de eeuwen heen heeft de mens het water met behulp van dijken en vaarten verruild voor land. Het ooit besloten landschap veranderde zo in een open weidelandschap.
De turfwinning trok nieuwe sporen door het landschap. Het systeem van kanalen en veenputten laat zien hoe de veenafgraving destijds georganiseerd was. Er ontstonden zelfs complete meren, zoals de Leijen. Karakteristiek voor De Mieden zijn de kleine veenputjes; ondiepe waterplasjes die ontstonden door kleinschalige turfwinning voor eigen gebruik.