Ameland is heel oud. Al in de achtste eeuw woonden er mensen. Toen was het veel groter. De zee heeft in de loop der tijd grote stukken weggeslagen. Complete dorpen verdwenen, zoals Sier en Oerd. Rond 1800 was er niet meer over dan drie duinbogen: kleine eilandjes waarachter dorpen lagen. Door ze met dijken aan elkaar te verbinden, is het huidige Ameland ontstaan. Aan de zuidkant van de dijken kon land aanslibben. Het nieuwe land werd ingepolderd. Zo werd Ameland weer een eiland van formaat.
Het eiland is nog steeds in beweging. Werden de duinen eerst vastgelegd met helmgras en bossen, nu mag het zand voorzichtig weer stuiven. Op sommige plekken heeft Staatsbosbeheer als experiment een deel van de begroeiing afgebrand. Hierdoor krijgt het zand vrij spel. Bijzondere plantjes als dwergvlas en dwergbies krijgen zo weer een kans. Ook de zee neemt zijn vrijheid. Aan de noordkant van het eiland heeft het zeewater een heleboel zand aangevoerd. Daardoor is het ‘groene strand’ ontstaan. Een ideale foerageerplek voor vogels.
Oprolbossen
De bossen op Ameland lijden onder de zoute zeewind. Vooral aan de noordkant. De naaldbomen hebben de neiging om naar het zuiden toe ‘op te rollen’. Dat komt door de dennescheerder. Dit insect legt eitjes onder de schors van verzwakte bomen. Als de larven volwassen zijn, hollen ze de jonge loten van de boom uit. Met uiteindelijk resultaat dat de bomen afsterven en omvallen.
Staatsbosbeheer heeft ooit loofboomsingels aangelegd om de naaldbomen tegen de zeewind te beschermen. Tegenwoordig zijn loofbomen welkom in het héle bos. Een gevarieerd bos, waar allerlei verschillende bomen groeien, is veel sterker. Meer planten en dieren voelen zich er thuis. En voor de bezoekers van Ameland is het ook een stuk aantrekkelijker.
Vochtige graslanden
In de Noordkeeg is een oude gemeenschapsweide van Amelander boeren ingericht voor natuurontwikkeling. Door verschraling en vernatting ontstaat een gevarieerd gebied van vochtige tot natte duingraslanden, bloemrijke hooigraslanden en schraalgraslanden met een karakteristieke kwelwatervegetatie.
Soayschapen en Herefordrunderen
Het Soayschaap komt van oorsprong van de St. Kilda eilanden, 180 kilometer ten noordwesten van Schotland. Door een eeuwenlange natuurlijke selectie heeft zich een sterk ras ontwikkeld. De dieren zijn weinig vatbaar voor ziektes en kunnen goed groeien op een karig dieet. In 1990 heeft Staatsbosbeheer 16 Soayschapen losgelaten in het begrazingsgebied Roosduinen op Ameland. Nu is de kudde uitgegroeid tot 100 schapen.
Sinds 2002 grazen in de duinen van Ameland ook Herefordrunderen. Herefords gedijen, in tegenstelling tot de zwartbonte melkkoeien, goed op een wat minder eiwitrijk dieet van duingrassen en kruiden.
Natura 2000, Europese topnatuur
De duinen van Ameland maken deel uit van Natura 2000, het Europees netwerk van bijzondere en beschermde natuurgebieden. Natura 2000 = Europese topnatuur! Meer informatie: dossier Natura 2000.